Een gemeenteraadslid krijgt geen salaris maar een vergoeding voor werkzaamheden, vastgelegd in het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. De hoogte hangt volledig af van het aantal inwoners van de gemeente. Per 1 januari 2026 loopt die vergoeding van € 1.305,79 bruto per maand in gemeenten tot 40.000 inwoners op tot € 3.200,00 in gemeenten met meer dan 375.000 inwoners. Daarnaast krijgt ieder raadslid een vaste, onbelaste onkostenvergoeding van € 223,50 per maand, een kilometervergoeding voor vergaderingen, een tegemoetkoming ziektekosten van € 136,85 per jaar en jaarlijks één maandvergoeding extra als voorziening voor arbeidsongeschiktheid en ouderdom. Fractievoorzitters krijgen een toelage van ongeveer € 90 tot € 190 per maand. Commissieleden die geen raadslid zijn, worden per vergadering betaald: ruwweg € 82 tot € 217. Omdat raadsleden zelf doorgaans 15 tot 20 uur per week aan het werk kwijt zijn, komt de vergoeding in een kleine gemeente neer op zo'n € 19 bruto per uur. Over de vergoeding wordt loonheffing ingehouden; pensioen en WW bouw je er niet mee op.
Een gemeenteraadslid krijgt geen salaris, maar een vergoeding voor werkzaamheden. Die is landelijk vastgelegd in het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en hangt af van precies één ding: het aantal inwoners van de gemeente. Een raadslid in Assen verdient dus structureel minder dan een raadslid in Rotterdam, ongeacht hoeveel uur er in gaat.
Wat verdient een gemeenteraadslid in 2026?
Dit zijn de bedragen per 1 januari 2026. Het gaat om brutobedragen per maand, waar loonheffing over wordt ingehouden.
| Inwoners gemeente | Vergoeding per maand (2026) |
|---|---|
| tot 40.000 | € 1.305,79 |
| 40.001 – 60.000 | € 1.698,33 |
| 60.001 – 100.000 | € 1.987,30 |
| 100.001 – 150.000 | € 2.256,23 |
| 150.001 – 375.000 | € 2.628,44 |
| meer dan 375.000 | € 3.200,00 |
De bedragen worden jaarlijks per 1 januari geïndexeerd. Ten opzichte van 2025 gingen ze er ruim 5% op vooruit: het laagste bedrag steeg van € 1.240,07 naar € 1.305,79.
Wat er nog bij komt
De maandvergoeding is niet het hele verhaal. Een raadslid heeft daarnaast recht op:
- Onkostenvergoeding: € 223,50 per maand — onbelast, voor vakliteratuur, representatie, porto en bureaukosten. Dit is een vast bedrag voor alle gemeenten, dus niet afhankelijk van de grootte.
- Reiskosten: € 0,23 per kilometer voor raads- en commissievergaderingen, plus parkeerkosten.
- Tegemoetkoming ziektekosten: € 136,85 per jaar.
- Voorziening arbeidsongeschiktheid en ouderdom: jaarlijks één extra maandvergoeding, bedoeld om zelf een verzekering of pensioenpot te regelen.
- Fractievoorzitterstoelage: circa € 90 per maand plus een bedrag per fractielid, tot maximaal ongeveer € 190 per maand.
- ICT-voorzieningen: de gemeente stelt een laptop of tablet en een smartphone met abonnement in bruikleen beschikbaar. Je krijgt daar dus geen geld voor, maar apparatuur — die je na afloop van je termijn inlevert.
- Scholing: cursussen en trainingen worden vergoed, zolang ze niet partijpolitiek van aard zijn.
Ben je commissielid zonder raadszetel, dan krijg je geen maandvergoeding maar een bedrag per bijgewoonde vergadering. Dat loopt van ongeveer € 82 in de kleinste gemeenten tot € 217 in gemeenten boven de 250.000 inwoners. Elke gemeente legt dat vast in een eigen verordening rechtspositie raads- en commissieleden.
Geen pensioen, geen WW
Dit is het punt dat de meeste kandidaat-raadsleden onderschatten. Raadsleden zijn geen ambtenaar en geen werknemer. Ze bouwen geen pensioen op, zijn niet verzekerd tegen arbeidsongeschiktheid en hebben na hun termijn geen recht op WW. De jaarlijkse extra maandvergoeding is bedoeld om dat gat zelf te dichten, maar dat is voor een raadslid in een kleine gemeente ongeveer € 1.300 per jaar — genoeg voor een bescheiden arbeidsongeschiktheidsdekking, niet voor een volwaardige pensioenopbouw. Wie vier of acht jaar minder uren maakt bij zijn eigen werkgever, loopt daar dus vaak een echt pensioengat mee op.
Wat blijft er over per uur?
Raadsleden rapporteren zelf meestal een tijdsbesteding van 15 tot 20 uur per week: vergaderingen, stukken lezen, fractieoverleg, werkbezoeken en burgercontact. Reken je in een kleine gemeente met 16 uur per week, dan komt € 1.305,79 neer op ongeveer € 19 bruto per uur. In een grote stad met € 3.200,00 en zo’n 20 uur per week is dat ongeveer € 37 bruto per uur.
Daarmee is het raadslidmaatschap financieel gezien een deeltijdbaan met een bescheiden uurtarief. Wethouders en burgemeesters zitten in een heel andere categorie: die zijn wél als voltijds bestuurder bezoldigd, met pensioenopbouw en een vertrekregeling.
Goedkoper raadslid zijn: laat geen vergoeding liggen
In de praktijk laten raadsleden geld liggen omdat ze regelingen niet kennen of niet declareren. Vraag bij je griffie op welke vergoedingen in jouw gemeente van toepassing zijn, en zet de jaarlijkse voorziening voor arbeidsongeschiktheid en ouderdom daadwerkelijk apart in plaats van hem op te laten gaan in het huishoudboekje. Declareer je kilometers standaard: veertig avonden per jaar met 25 kilometer heen en terug is al ruim € 200 onbelast.
| Gemeente tot 40.000 inwoners Bruto per maand, de laagste klasse in het Rechtspositiebesluit. | € 1.305,79 |
| Gemeente boven 375.000 inwoners Bruto per maand, de hoogste klasse (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht). | € 3.200,00 |
| Onkostenvergoeding Vast en onbelast bedrag per maand, gelijk voor alle gemeenten. | € 223,50 |
| Fractievoorzitterstoelage Per maand, opgebouwd uit een basisbedrag plus een bedrag per fractielid. | € 90 - € 190 |
| Commissielid (geen raadslid) Per bijgewoonde vergadering, afhankelijk van de gemeentegrootte. | € 82 - € 217 |
| Tegemoetkoming ziektekosten Per jaar, bovenop de maandvergoeding. | € 136,85 |
Tips om te besparen
Declareer consequent je kilometers à € 0,23: veertig vergaderavonden met 25 km retour levert ruim € 200 per jaar onbelast op.
Vraag de tegemoetkoming ziektekosten van € 136,85 per jaar actief aan — die wordt niet in elke gemeente automatisch uitgekeerd.
Zet de jaarlijkse extra maandvergoeding (€ 1.306 tot € 3.200) apart voor een arbeidsongeschiktheidsverzekering of pensioenpot; je bouwt als raadslid namelijk niets op.
Laat de gemeente laptop en telefoon in bruikleen leveren in plaats van je eigen apparatuur te gebruiken; dat scheelt al gauw € 600 tot € 1.200 aan eigen aanschaf per termijn.
Gebruik het scholingsbudget: niet-partijpolitieke cursussen worden vergoed, inclusief materiaal en reiskosten.
Veelgestelde vragen
Nee, een raadslid krijgt een vergoeding voor werkzaamheden. In 2026 is dat € 1.305,79 tot € 3.200,00 bruto per maand, afhankelijk van het inwonertal van de gemeente.
Ja, over de vergoeding voor werkzaamheden wordt loonheffing ingehouden. De onkostenvergoeding van € 223,50 per maand is wel onbelast.
Een commissielid krijgt per bijgewoonde vergadering betaald: ongeveer € 82 in gemeenten tot 10.000 inwoners en oplopend tot ongeveer € 217 in gemeenten boven de 250.000 inwoners.
Nee. Raadsleden bouwen geen pensioen op en zijn niet verzekerd voor arbeidsongeschiktheid of werkloosheid. Wel krijgen ze jaarlijks één extra maandvergoeding om zelf een voorziening te treffen.
In de meeste gemeenten niet. Bij 15 tot 20 uur werk per week komt de vergoeding neer op ongeveer € 19 bruto per uur in een kleine gemeente en ongeveer € 37 in een grote stad. Vrijwel alle raadsleden hebben er een baan naast.


